Inlogformulier  

   
   

Hennep

Er wordt nog altijd veel onzin verteld en geschreven over het vissen met hennep (kempzaad). Hennepvissen zou zeer, zeer moeilijk zijn en dat is helemaal niet waar. Men heeft het over klaarmaken van hennepnootjes in een thermosfles met kokend water, maar met zulke nootjes is het moeilijk vissen! Onlangs publiceerde een hengeltijd- schrift foto’s van op de haak geprikte hennepnootjes zonder kiem! Als dat geen onzin is! Hennep zou een specifiek zomeraas zijn, maar wij vissen de ganse winter met kempzaad in de Hollandse wateren, en de Limburgse kempzaad vissers vangen in december - januari dikke blankvoorns met hennep. Hier in Zuid Holland echter stopt men doorgaans met de hennep in de late nazomer en omdat er dan niet meer met kempzaad gevoerd wordt, lopen de vangsten natuurlijk terug.

Maar vanaf april - mei wordt in de privé visvijvers weer druk met hennep gevist door de zogenaamde “specialisten”. Voor de hengelaars die menen niet tot deze elitegroep te behoren, een 20-tal henneptips. Hier gaan we:

Gewenning

  • Omdat hennep niet door onze karperachtigen als een natuurlijk voorkomend aas gekend is, moet men de vissen vooraf eraan gewennen, men moet het leren eten. Dat kan door elke dag opnieuw, bij voorkeur in de vroege morgen, een handvol gekookte (en ook geweekte, rauwe) hennep op je stek uit te strooien gedurende ongeveer een week. Slechts na deze gewenningsperiode zal men op die stek beginnen met (succesvol met hennep) vissen.

Voorweken

  • Kies jonge, flinke grote hennepnootjes. Die moeten 24 tot 36 uur voorweken in bij voorkeur “hard” water, dus best geen regenwater. Ook leidingwater is af te raden omdat dit teveel chloor bevat wat afstotend werkt. Grondwater is best, doch bij gebrek daaraan kan ook vijverwater of natuurlijk bronwater gebruikt worden. Desnoods, als men toch leidingwater zou gebruiken, moet men dit een paar dagen laten bezinken. Een bierglas halfvol met hennep kan volstaan voor meerdere hengelpartijen.

Koken zonder.... koken

  • Breng de voorgeweekte hennepnootjes in ruim water tot tegen het kookpunt (95-98º), en houd dit zo tot de witte kiemen zichtbaar worden en flink uitslaan. Dan zo snel mogelijk het kookwater afgieten (bewaren om er lokvoer mee te maken!) en de nootjes harden door ze veelvuldig te spoelen met koud water. De gekookte hennep koel bewaren in water of, zonder water, in een verluchte doos.

Toevoegsels

  • Het heeft geen zin en is zelfs verkeerd om smaakmakers of geurende producten aan hennep toe te voegen. Het is juist de weeïge geur en specifieke smaak van de hennep die de vissen zo bijzonder aantrekt. Hennep moet Hennep blijven!.

Nootjes op de haak zetten

  • Kies een nootje met een flinke kiem en waarvan de schelpen een weinig open staan. Neem het nootje tussen duim en wijsvinger van de linker hand (omgekeerd voor een linkshandige) met de kiem naar onder en de punt van de kiem naar rechts wijzend. Breng de haak zo diep mogelijk in, daar waar de schelpen uit elkaar gaan, vlak tegenover de kiembasis. Draai daarna met de linkerhand het zaadje naar boven toe zodat de haakpunt in de kiembasis of vlak daarbij komt te zitten, en zeker daar waar hij vrij kan ontsnappen zonder in de harde schelpen terecht te komen.

Witte hennep

  • Men kan ook een nootje van de zwarte schelpen ontdoen als het al op de haak zit. Dat moet wel voorzichtig gebeuren. Zo’n wit nootje is beter zichtbaar en vangt "vlugger", maar dikwijls komt er vooral klein grut op af, alvers onder meer.

Panache

  • Voor ervaren hennepvissers is het geen probleem om zelfs twee nootjes op een haak nummer 18 te prikken en vervolgens het laatste nootje te pellen. Aldus bekomt men een panache van wit en zwart. Zeer aantrekkelijk en goed zichtbaar voor de blankvoorn.

Zeer donkere nootjes

  • Om de nootschelpjes zeer donker te maken zodat ze erg afsteken tegen de witte kiem kan men aan het kookwater een stukje verroest ijzer toevoegen, zonder hiermee de geur of smaak van de hennep aan te tasten.

Sodakristallen

  • Sodakristallen, toegevoegd aan het kookwater, geven hetzelfde resultaat. Maar soda tast geur en smaak van de hennep aan en is daarom af te raden.

Rijst en tarwe

  • Het samen koken van rijst en hennep of tarwe is een aanrader, Vooral omdat zowel gekookte rijst als gekookte tarwe uitstekend zijn als lokmiddel. Noch tarwe noch rijst veranderen de smaak en de geur van de hennep. Met zulk mengsel kan men ook afwisselend met tarwe, rijst en hennep vissen.

Hengel fijn

  • Omdat met hennep hoofdzakelijk op blankvoorn wordt gevist, kan een snoertje in 0,08 mm volstaan. Gebruik ook een gevoelig uitgelood pennetje en een haakje dat helemaal in het nootje kan weggestopt worden (kortstelig, nummer 16-18). Wel zal men met hennep ook een dikke zeelt of een woeste karper of kopvoorn aan de lijn krijgen. Dat kan alleen maar de hengelsensatie vergroten.

Op het knietje

  • Kempzaadvissers hengelen van op het knietje, met de hengel in de hand. Vis aanvankelijk op een drietal cm boven de bodem. Zoek, indien nodig, daarna alle waterlagen af (voorn kan overal zitten!) en hengel tenslotte op de bodem. In stromend water verdient het aanbeveling om de pen steeds lichtjes af te remmen. Zo doen we ook als er een grondstroom staat. In stil water zal men regelmatig het pennetje een weinig zijwaarts verslepen.

Snel wezen ?

  • Men hoeft bij het hennepvissen niet zo bijzonder snel te reageren. Als men over goed bereide hennep beschikt, heeft men bij een aanbeet evenveel tijd als wanneer men met brooddeeg vist. Men slaat doorgaans eerder te vroeg dan te laat aan!

Met de liggende lijn

  • Voorstanders van de “liggende lijn” kunnen ook best met hennep aan de slag. Vis dan niet met het onderste loodje op de bodem (zwaar bodemvissen), maar zorg ervoor dat het slageind gestrekt blijft en houd de hengel in de steunen steeds binnen handbereik.

Houd ze "aan de klap"

  • Tijdens het kempzaad vissen is het aangeraden om regelmatig enkele hennepnootjes uit te werpen. Dit om de aanwezige vissen op de stek te houden en ze bezig te houden, of, zoals de hengelaars zeggen “aan de klap” te houden.

Drillen

  • Een vis aan de lijn vertoont natuurlijk angstreflexen die de andere vissen doen schrikken en vluchten. Dril daarom steeds en altijd een vis zijwaarts van de stek. Tezelfdertijd kan men ook enkele nootjes uitstrooien met de vrije hand: vooral nu is de andere vissen afleiden en aan de klap houden erg belangrijk!

Er af!

  • Er af! Dat zegt de hengelaar als hij tijdens de dril een vis verspeelt. Zo’n losgekomen vis is in staat om de hele school te verjagen. Dan kan het een hele tijd duren vooraleer de voorns hun angst overwonnen hebben en op de stek terugkeren.

Een hennep papje !

  • Als je regelmatig enkele gekookte hennepnootjes fijn knabbelt in de mond, bekom je een henneppapje. Werp dit papje op je stek en je hebt een onweerstaanbaar lokmiddel dat zelfs in staat is om de vissen van meters ver op je stek te lokken.

Woeste karpers

  • Ook karpers lust hennepnootjes en regelmatig komen de dikkerds het fijne tuig van de voornvissers aan diggelen trekken. Nu is het vrij moeilijk om een hennepnootje op een grote karperhaak te prikken. Rijg liever met een fijne naald enkele nootjes op een draadje en bevestig dit draadje aan je karperhaak. Men kan ook meerdere nootjes in een flinke deegbal stoppen en zo proberen de karper te verschalken.

Hennep bewaren

  • Gekookte hennep is een hele tijd te bewaren in de koelkast. Wil men steeds beschikken over een portie hennep, dan kan men kleine hoeveelheden invriezen. Voor de hengelpartij laat men de hennep langzaam ontdooien. In de hengelzaken wordt ook gekookte hennep in een bewaarvloeistof verkocht. Toch moet worden gezegd dat versgekookte hennep nog het best is